De provincie Oost-Vlaanderen is, na West-Vlaanderen, de minst beboste provincie van het Vlaamse gewest. Met een bebossingsgraad van zo’n 5 % steekt onze provincie schril af tegen de Vlaamse bebossingsgraad van 11% en de Belgische van 22%. Er is dus werk aan de winkel.
En dat wij vandaag ons steentje bijdragen om een klein stukje bos te creëren kan ons enkel blij en fier maken. En… dat dit kan gebeuren in een unieke samenwerking tussen vrijwilligers van Natuurpunt en een bedrijf uit de houtverwerkende nijverheid is iets wat zeker perspectieven opent naar de toekomst.
Is het toeval dat in het tijdschrift Meander, het ledenblad van de lokale afdeling van Natuurpunt, het “In memoriam” van onze voorzitter Jo Cosijn, op één en dezelfde bladzijde stond met een advertentie van de firma Eurabo, sponsors en mede-planters van het nieuwe bos?
Het stukje bos dat wij vandaag aanplanten wordt een levend aandenken aan Jo. Wie hem gekend heeft, zal zich Jo vooral herinneren als een geëngageerd man voor wie de natuur en onze leefomgeving hoog op zijn prioriteitenlijst stond. De kunstzinnige Jo, muziekliefhebber en fotograaf, was door zijn werk, het Agentschap Natuur en Bos, beroepshalve verbonden met de natuur.
Maar ook in zijn vrije tijd speelden natuur en milieu een grote rol. Het was een feest om Jo te zien genieten van de voorjaarsbloeiers in het Eeckoutbos of van de schilderachtige landschappen van de Vlaamse Ardennen.
Als voorzitter van Natuurpunt Vlaamse Ardennen, conservator van de Maarkebeekvallei en redacteur van het natuurtijdschrift Meander trok hij aan de kar om deze prachtige streek te helpen beschermen. En door zijn innemende persoonlijkheid slaagde hij erin om deze groep vrijwilligers om te smeden tot een groep vrienden. Zijn persoonlijkheid zorgde er ook voor dat hij de geknipte man was om te onderhandelen met de stakeholders van dit landschap. Soms met mooie resultaten, soms met ontgoochelingen. Maar Jo bleef gedreven doorzetten.
Het laatste stukje grond dat Jo gekocht heeft, ligt hier aan onze voeten. Wij zullen het omzetten in bos en het zal terecht het Cosijnbos genoemd worden. Elke keer dat wij er voorbij gaan, alleen of in groep, zullen we zo aan hem denken.
Maar tenslotte wil ik toch ook graag een woord van dank richten tot Ludo. Samen met Jo waren jullie twee krachten die elkaar wonderwel aanvulden. En ook nu weer was Ludo in de weer om attesten te krijgen, wanhoopte hij soms omdat dit of dat document nog steeds niet afgeleverd was, zorgde hij voor het plantgoed en voor de catering. Kortom, Ludo, je verdient een daverend applaus.
Concreet:
Met bijna 100 vrijwilligers werden 18 soorten aangeplant, goed voor 975 bomen en struiken, een rijke bron van voedsel en habitat voor insecten en zoogdieren.